Geschreven door Aziz Talat
Samen met je partner een VOF beginnen klinkt aantrekkelijk: twee keer ondernemersaftrek in plaats van één. Maar daar zit een addertje dat veel stellen pas ontdekken bij een controle. Als jullie samenwerking als "ongebruikelijk" wordt aangemerkt, vervalt een deel van dat voordeel. Hieronder wanneer dat speelt.
Waarom mensen het doen
Bij een VOF wordt de winst verdeeld over de vennoten, en elke vennoot wordt afzonderlijk beoordeeld voor de ondernemersaftrekken.
Voldoen jullie allebei aan de voorwaarden, dan heeft ieder recht op de zelfstandigenaftrek. In 2026 is dat 1.200 euro per persoon, met daarbovenop de startersaftrek van 2.123 euro in de eerste jaren.
Bovendien wordt de winst over twee personen verdeeld, waardoor je bij elkaar mogelijk lager in de tarieven uitkomt.
Dat is het idee. De vraag is of het ook opgaat.
De toets: is jullie samenwerking gebruikelijk?
Er is sprake van een ongebruikelijk samenwerkingsverband als niet-verbonden personen een vergelijkbare samenwerking normaal gesproken niet zouden aangaan.
Het voorbeeld dat de Belastingdienst zelf noemt is een VOF tussen een tandarts en een tandartsassistent. Twee onbekenden zouden zo'n samenwerking niet als gelijkwaardige vennoten aangaan, want de een verricht ondersteunend werk voor de onderneming van de ander.
De kern is dus: doen jullie allebei wezenlijk ondernemerswerk, of doet de een vooral ondersteunend werk voor de onderneming van de ander?
Wat er gebeurt als het ongebruikelijk is
Dan telt het voor het urencriterium anders. Verricht een partner voor 70 procent of meer ondersteunende werkzaamheden, dan tellen die uren voor hem of haar niet mee.
Het gevolg: die partner haalt de 1.225 uur niet, en heeft dan geen recht op de zelfstandigenaftrek of andere aftrekken waarvoor het urencriterium geldt.
Het hele voordeel waarvoor de VOF was opgezet, valt daarmee voor die partner weg. Zie Het urencriterium en Zelfstandigenaftrek in een VOF.
Wanneer is het wél gebruikelijk?
Als beide partners wezenlijke, zelfstandige werkzaamheden verrichten die inhoudelijk bij elkaar passen.
Denk aan twee adviseurs die samen opdrachten uitvoeren, twee ambachtslieden die ieder hun deel van het werk doen, of twee mensen met verschillende maar gelijkwaardige rollen die allebei op hun eigen terrein beslissen.
De kwalificatie hangt af van de feitelijke werkzaamheden, niet van de functietitel in het contract en niet van de winstverdeling. Iemand op papier tot vennoot benoemen die in de praktijk de administratie en de telefoon doet, maakt de samenwerking niet gebruikelijk.
Wat je moet vastleggen
Ga je hiervoor, zorg dan dat je het kunt onderbouwen.
Houd allebei een urenregistratie bij, het hele jaar door, met wat je hebt gedaan en hoe lang. Dat is bij een VOF met je partner geen formaliteit maar je belangrijkste bewijs.
Maak zichtbaar dat jullie ieder eigen taken en eigen verantwoordelijkheden hebben. Eigen klanten, eigen projecten, eigen beslissingen.
En leg de winstverdeling vast die past bij de werkelijke inzet. Een 50/50-verdeling terwijl de een fulltime werkt en de ander vier uur per week, roept vragen op. Zie Winstverdeling in een VOF.
De alternatieven
Past een VOF niet, dan zijn er andere routes.
Je partner kan in dienst treden bij de onderneming. Dat kost loonheffingen, maar het is helder en het levert je partner opbouw van rechten op.
Er bestaat ook een regeling voor een meewerkende partner binnen een eenmanszaak, waarbij je een vergoeding of een aftrek toepast voor het meewerken.
Welke het gunstigst is, hangt af van de omvang van de winst en van hoeveel je partner daadwerkelijk meewerkt. Dat is een doorrekening, geen vuistregel. Zie Salaris aan vennoten.
En het risico dat niets met belasting te maken heeft
Een VOF betekent hoofdelijke aansprakelijkheid. Bij een VOF met je partner zijn jullie dus allebei met je privévermogen aansprakelijk voor de schulden.
Bij twee losse ondernemers is er nog een scheiding. In een VOF met je partner is die er niet, en raakt een tegenvaller in de onderneming direct jullie gezamenlijke vermogen en mogelijk jullie woning.
Dat is een reële afweging, los van de aftrekposten. Zie Hoofdelijke aansprakelijkheid in een VOF.
Veelgestelde vragen
Mag ik samen met mijn partner een VOF hebben?
Ja, dat mag gewoon. De vraag is alleen of beide partners recht hebben op de ondernemersaftrekken.
Mijn partner doet de administratie en de planning. Telt dat mee?
Dat is ondersteunend werk. Is dat 70 procent of meer van wat je partner doet, dan tellen die uren voor het urencriterium niet mee.
Wat als we allebei hetzelfde vak hebben?
Dan is het al snel een gebruikelijke samenwerking, mits jullie ook feitelijk allebei dat werk doen.
Kan ik de winst gewoon 50/50 verdelen?
Je mag afspreken wat je wilt, maar de verdeling moet passen bij de werkelijke inzet. Een verdeling die daar ver vandaan ligt, trekt aandacht.
Tot slot
De vraag is niet of je met je partner een VOF mág, maar of jullie samenwerking eruitziet als iets wat twee onbekenden ook zouden aangaan.
Doet je partner vooral ondersteunend werk, ga dan niet uit van dubbele aftrek. Laat dan doorrekenen of een dienstverband of de meewerkregeling beter uitpakt, en weeg de hoofdelijke aansprakelijkheid expliciet mee.
Wil je hierover sparren? Plan een vrijblijvend gesprek in.
PLAN GESPREK
GERELATEERDE POSTS

VOF oprichten: kosten, contract en administratie
Geen notaris, geen startkapitaal. Wel een paar dingen die je beter vooraf regelt dan achteraf.

VOF-contract: de afspraken die je schriftelijk moet vastleggen
Wettelijk niet verplicht, maar het bepaalt wel of jullie samenwerking een conflict overleeft. Dit hoort erin.

Winstverdeling in een VOF: voorbeelden met ongelijke inzet
Ongelijke uren of ongelijke inbreng? Zo vertaal je dat netjes naar euro's, met arbeidsbeloning en voorafname.

Aziz Talat

